 |
Tijdritstuurtje type 'Robic' |
|
 |
Hoe maak je een supergoedkope fietsprothese voor tijdrittenprestige? Hier volgt
een stappenplan voor een doe-het-zelf stuurtje type 'Robic'. Tekst en tekeningen
na enig onderzoek waarschijnlijk door Pierre Hardy. Bron: Kerst-Corsa anno
1991. Geprojecteerde materiaalkosten: c.a. 5 Euro.
Wat heb je nodig?
-
ca.1 meter grijze PVC-pijp,
32x3,2 mm
-
4 PVC elleboogjes, 32x3,2 mm
|
-
1 rolletje stuurlint
-
7,5 cm bezemsteel
|
| 1.
Verzaag de pijp: 2x ca. 40
cm + 2x ca. 7,5 cm. |
 |
| 2.
Klop de bezemsteel in een
stukje pijp van 7,5 cm. |
 |
| 3.
Boor hier een gat in ter
dikte van je stuurpen. |
 |
| 4.
Monteer de delen tot een
rechthoek en bepaal de hoek waaronder je stuurtje moet staan (lijmen hoeft
niet). |
 |
| 5.
Maak waar je echte stuur
komt uitsparingen. |
 |
| 6.
Monteren: Stuurpen eruit,
Robic klemmen tussen balhoofd en stuurpen, sturen aan een tapen, klaar! |
 |
| Jean Robic
Jean Robic was geen geboren
Breton, zoals velen meenden, want hij aanschouwde op 10 juni 1921 het levenslicht
in Condé-les Vouziers in de Franse Ardennen. Op jeugdige leeftijd
verhuisde Robic met zijn ouders naar Bretagne. Jean was klein en mager,
maar beschikte over enorm veel wilskracht en lef. Hij was ook een compleet
renner, die zowel op de vlakke wegen als in het hooggebergte bij de besten
behoorde. "Biquet" kwam in 1946 voor het eerst in het nieuws tijdens Monaco-Parijs,
de kleine Ronde van Frankrijk. Pas op de laatste dag werd hij door een
manoeuvre van de Franse ploeg van de eindzege afgehouden. In de Tour de
France van 1947 zorgde Robic voor een sensatie door pas op de allerlaatste
dag de Italiaanse Fransman Brambilla uit de gele trui te rijden. Robic
sloeg zijn slag op de heuvel van Bonsecours, ruim 140 kilometer voor Parijs.
Brambilla kon op die klim de tempoversnelling van Robic en Edouard Fachleitner
niet volgen. Zonder ook maar een dag de gele trui te dragen, won Jean Robic
de eerste na-oorlogse Tour. Na die succesvolle Tour kwam Jean Robic nog
negenmaal aan de start van de Ronde. Hij zorgde daarin voor opmerkelijke
prestaties, maar kende ook zware inzinkingen. Tijdens de Tour van 1953
veroverde hij in de Pyreneeën zelfs de gele trui, maar hij moest uiteindelijk
het hoofd buigen voor Louison Bobet. Jean Robic won zes etappes in de Tour
en eindigde in 1949 nog eens op de vierde plaats. Jean Robic was ook een
uitstekend veldrijder. Hij won heel wat wedstrijden in deze discipline
en werd in 1945 kampioen van Frankrijk. Robic won in 1950 ook het eerste
officiële wereldkampioenschap veldrijden, dat in Parijs werd verreden.
In zijn lange loopbaan was Jean Robic nogal eens bij een valpartij betrokken.
In 1944 liep hij bij een zware val in Parijs-Roubaix een schedelbreuk op,
maar de taaie Robic vocht zich over deze tegenslag heen en verscheen weer
snel in competitie. Verder brak Robic alles wat breekbaar was, zoals armen,
benen, ribben en een sleutelbeen. De kleine Robic, met het grote hoofd
op het kleine lichaam, droeg daarom altijd een valhelm. Het leverde hem
de bijnaam "Biquet" op. Op het palmares van Jean Robic komen naast die
Tourzege uitsluitend wedstrijden van tweede garnituur voor. In de klassiekers
schoot hij vaak net iets tekort. In 1961 verliet Robic op 40-jarige leeftijd
de wielerarena en hij vestigde zich in de Franse hoofdstad, waar hij in
de buurt van het station Montparnasse een restaurant exploiteerde. Op 6
oktober 1980 kwam de immens populaire Jean Robic bij een verkeersongeval
om het leven. Hij werd slechts 59 jaar. |
 |
|
Let
op! WTOS noch de auteurs zijn aansprakelijk voor materiele, financiele,
of lichamelijke dan wel geestelijke (!) schade welke zou kunnen ontstaan
bij het uitvoeren van werkzaamheden aan de hand van de op deze site aangeboden
informatie!